ONTSTAAN BLUES & JAZZ

"Blues" komt van het Engelse "feeling blue", wat neerslachtig, in de put zitten, betekent. De aanduiding 'blue' stamt uit de 16de eeuw en is afkomstig uit de zeilscheepvaart. Als vroeger een schip tijdens de reis zijn kapitein of een andere officier verloor, voerde het voor de rest van de reis een blauwe vlag en werd een blauwe band rond het hele schip geschilderd voordat het de thuishaven bereikte. In de 19de eeuw werd het vooral gebruikt om een gevoel van somberheid, verveling, verdriet of algehele ongelukkigheid aan te geven, wat later in verband werd gebracht met de zwarte bevolking. De Blues werd Blues genoemd vanwege de melancholische toon en inhoud van de teskten.

AFRIKAANSE RITMES

Op tv hoor je wel eens in de een of andere documentaire over "de wonderlijke geluiden van Afrika". Bedoeld worden de geluiden van de natuur: dieren, vogels, insecten, het geluid van de hitte. Deze geluiden inspireerden de Afrikaanse muzikanten duizenden jaren lang. De trommels maakten de ritmes en waren hun middel om te communiceren tussen stammen onderling, maar ook werden ze gebruikt tijdens rituelen, dansen enz.

De klanken die ze erbij gebruikten maakten het tot liedjes. Afrikaanse muziek is puur een mondelinge traditie, van generatie op generatie overgegaan. Er zijn slaapliedjes, feestliedjes, religieuze en marsliedjes. In principe verschilt het niet van muziek uit andere continenten. Maar opvallend is dat de muziek vooral wordt gedomineerd door de vraag- en antwoordvorm (call and response-patroon) wat de liedjes tot een vorm van communicatie maakte en die later de Blues en Jazz sterk zou beïnvloeden. De slaven die in het verleden van Afrika naar Amerika werden getransporteerd om te werken op de plantages namen niets mee. Geen bezittingen en al zeker geen muziekinstrumenten of uitgeschreven muziek. Het waren de liedjes, hun muziek, klanken en ritmes die net als de herinneringen aan dat wat ze achterlieten in de hoofden van de slaven mee reisden. Tientallen decennia later, maar vooral na afschaffing van de slavernij, zou zich o.a. uit deze muziek de Blues ontwikkelen.

BEGIN VAN DE BLUES

Al wordt de term "Blues" officieel pas rond 1912 voor het eerst vermeld (zie verderop "William Christopher Handy"), we zullen nooit precies weten wie het eerst het woord Blues gebruikte of het eerste Bluesnummer schreef. Al is 'schrijven' een groot woord want niemand heeft het echt geschreven. De Blues verspreidde zich via de mondelinge traditie van de Afrikaanse muziek en ontwikkelde zich razendsnel in de laatste veertig jaar van de 19de eeuw. Zonder tv, cd's, platen, banden of op een andere manier opgenomen muziek. De verspreiding ging letterlijk van mond tot mond. Muzieknummers werden veranderd en 'verbeterd' tijdens hun reis door Amerika. Natuurlijk verliep dit proces op het platteland maar geleidelijk. Er waren geen theaters of andere podia voor muziek. Alle soorten liederen werden doorgegeven door rondreizende muzikanten en door ze samen te zingen binnen het gezin of in andere groepen. Door dat rondreizen bestonden er op den duur allerlei regionale vormen. De trage en treurige melodieën die we nu Blues noemen, heetten in die dagen DITTIES (kort simpel lied of gedicht). Muziek met eenvoudige melodieën en teksten over alledaagse beslommeringen.

foto: Een katoenplantage ergens in het diepe zuiden van de VS

Slaven moesten lang en hard werken, waren meestal van zonsopgang tot zonsondergang geketend, en leefden in erbarmelijke omstandigheden en armoede, waarbij mishandeling en marteling aan de orde van de dag waren (een slaaf werd gemiddeld 24 jaar). Muziek was het enige wat ze hadden. Praten tijdens het werk op de plantages mocht niet, omdat de bewakers hun taal niet verstonden. Zingen was wel toegestaan, en werd zo hun vorm van communicatie. De een zong alleen (in het Afrikaans natuurlijk) om zijn verhaal te doen aan de rest. Of een voorman van een werkploeg, de "holler" ("to holler" betekent vrij vertaald schreeuwen, gillen) gaf een strofe aan, waarop de rest antwoordde, het CALL & REPONSE-PATROON. Meegenomen uit hun geboorteland. Hun manier ook om ontsnappingspogingen te 'bespreken'. Zo ontstonden de zogenaamde WORKSONGS en de FIELD HOLLERS. De traditionele religieuze volksliederen van de slaven tijdens hun gebedsdiensten werden NEGROSPIRITUALS genoemd.

Onderstaand een paar voorbeelden: negrospirituals, field hollers en worksong.


Mississippi John Hurt - "I shall not be moved" (1964)

De Vlaamse gospelband SOULSPIRIT gaf er onderstaande interpretatie aan.


Soul Spirit - "I shall not be moved" (jaar onbekend)


Lightning Washington and prisoners - "Good God Almighty" (1933)


Thomas. J. Marshall - "ArwhooliecornfieldHoller" (ws.1939)


Joe Green - "Work Songs and Field Holler" (jaar onbekend)



JAZZ & BLUES (NEW ORLEANS)

Al in het begin van de 19de eeuw begon de Afrikaans beïnvloede muziek zich stilaan te verspreiden van het platteland vanaf de Mississippi Delta naar de steden in het noorden en zuiden, naar bijvoorbeeld New Orleans. De grote import van slaven door de plantage-eigenaars was eind 18de eeuw niet de enige reden van de verdubbeling van het aantal inwoners in die stad. De Haïtiaanse Revolutie die duurde van 1791-1804 en werd gekatalyseerd door de Franse Revolutie (1789-1799), was de eerste en enige succesvolle slavenopstand op het Westelijk halfrond. Deze vond plaats in de toenmalige Franse kolonie Saint-Domingue en leidde tot de vrije zwarte republiek Haïti. De revolutie kon slagen doordat er een overmacht van vijftien keer zoveel slaven als kolonisten was. Haïtiaanse vluchtelingen kwamen met boten vol via Cuba naar New Orleans.

afb.: Van Haïti, via Cuba naar New Orleans

Slaven mochten niet leren lezen of schrijven, geen bijeenkomsten of vergaderingen organiseren. Alleen de kerk was een plaats van samenkomst. De Afrikaanse en Haïtiaanse slaven waren gelovig en gingen op zondag naar de kerk. Hun enige vrije dag, vastgelegd in de Code Noir. Dat was een decreet uit 1685 van de Franse koning Lodewijk XIV wat ging over de omgang met zwarte slaven dat bleef gelden tot 1848.

afb.: Code Noir uit de periode van zijn opvolger Lodewijk XV (editie uit 1743)

Niet werken en geen slaag die dag. In die periode begonnen in de Methodisten- en Baptistenkerken de NEGROSPIRITUALS samen te smelten met de WESTERSE HYMNEN EN PSALMEN. (Hymne is een verheven lofzang of loflied op een bepaald onderwerp, zoals een land, een God of een gebeurtenis. Een psalm is een godsdienstig lied, gebaseerd op het Bijbelboek ‘Psalmen’. Het wordt gezongen of voorgelezen op verheven toon. In de synagogale traditie zijn dit gebeden voor allerlei gelegenheden en komt uit de joodse traditie.) Via die samensmelting ontstond het GOSPEL. Het Engelse woord 'gospel' komt van het Oudengelse goð (goed) spell (nieuws, boodschap) en heeft net als het Griekse "euangelion" (evangelie) dezelfde betekenis. Gospel is dus een direct resultaat van zwarte muziek gecombineerd met blanke psalmen. Een belangrijk verschil tussen zwarte spirituals en psalmen zit in de tekst, als gevolg van de ietwat beperkte woordenschat van de slaven. Ze gebruikten het lyrisch concept van de psalmen en gaven er hun eigen invulling aan. De teksten zijn christelijk geïnspireerd, met verwijzingen naar het Oude Testament. Zo wordt het leven na de dood aangeduid als het oversteken van de rivier de Jordaan. De melodieën zijn eenvoudig en verlopen in een swingend ritme. Oorspronkelijk werden deze liederen a capella (zonder instrumenten) uitgevoerd met onderscheid tussen een solist en een (meerstemmige) groep, waarbij ook een CALL & RESPONSE-PATROON gehanteerd werd, net als op de plantages bij de field hollers. De uitvoering laat heel wat spontane muzikaliteit en betrokkenheid van de gemeenschap toe in de vorm van kreten, gejuich en handgeklap.

foto: Gospel tijdens een dienst

Ook door het zingen van gospel en negrospirituals met of zonder zelfgemaakte instrumenten vonden de zwarte slaven troost voor de situatie waarin ze leefden en deelden ze elkanders armoede en ellendige omstandigheden. Het was hun manier om hun lijden zowel uit te drukken als te verzachten.

Na de kerk ging het richting Congo Square. Place Congo is een deel van het huidige Louis Armstrong Park, wat ligt in de Tremé-area, de oudste Afro-Amerikaanse buitenwijk van Amerika ten noorden van het French Quarter in New Orleans.

foto: Congo Square foto: Aanduiding met uitleg bij het Congo Square in het Louis Armstrong Park afb.: uitvergroting van de afbeelding links op bovenstaand bord

De tekst vertaald:

Congo Square ligt in de "nabijheid" van een plek die Houmas-indianen vóór de komst van de Fransen gebruikten om hun jaarlijkse maïsoogst te vieren en door hen als heilige grond werd beschouwd. Het bijeen komen van tot slaaf gemaakte Afrikaanse verkopers op Congo Square ontstond al in de late jaren 1740 tijdens de Franse koloniale periode van Louisiana en ging door tijdens het Spaanse koloniale tijdperk als een van de openbare markten van de stad. Tegen 1803 was Congo Square beroemd geworden vanwege de bijeenkomsten van tot slaaf gemaakte Afrikanen die op zondagmiddag trommelden, dansten, zongen en handel dreven. In 1819 telden deze bijeenkomsten maar liefst 500 tot 600 mensen. De beroemdste dansen waren de Bamboula, de Calinda en de Congo. Deze Afrikaanse cultuuruitingen ontwikkelden zich geleidelijk tot Mardi Gras' Indiaanse tradities, de "second line" (wat met huwelijksparades te maken heeft), en uiteindelijk tot New Orleans' Jazz en Rhythm and Blues. Congo Square werd in het Nationale Register van Historische Plaatsen vermeld op 28 januari 1993.

Deze buurt staat nog steeds bekend om zijn "African-American music" en was de eerste wijk waar vrije kleurlingen huizen konden kopen. Ze hadden er ook eigen marktplaats waar ze handel dreven en producten verkochten die ze zelf hadden geteeld. Ook maakten ze daar hun kruiden, konden ze zich zelfs wassen of hun haren vlechten, maakten en bespeelden ze hun trommels (bongo's) en dansten ze de Bamboula en Calimba, net als hun voorouders deden. De trommels, zgn. "talking drums" waren het communicatiemiddel tussen de verschillende stammen in Afrika en werden ook hier gebruikt om hun ontsnappingsplannen mee te "bespreken" zoals ze dat deden op de plantages.

Opzichters van de plantages kregen het op den duur in de gaten en stonden alleen nog religieuze liederen toe die vervolgens vol zaten met verborgen boodschappen. Bovendien kwam het trommelen in langdurig dezelfde ritmes angstaanjagend over bij de blanken. Ze noemden het voodoo (spreek uit als voedoe, een Engelse naam voor de Haïtiaanse religie vodou). In 1808 werd daarom dansen en trommelen op pleinen in de stad verboden. Op trommelen kwam zelfs de doodstraf te staan in de staten Mississippi, South Carolina en Georgia. Behalve op Congo Square: de blanke heersers hielden de zwarten liever op één plek geconcentreerd, om ze beter in de gaten te kunnen houden. Daarmee werd het aantal zwarten op de zondag op het plein vertienvoudigd, en groeide het uit tot attractie nummer 1 voor de toeristen. Terwijl het feest was op Congo Square op zondag, speelden iets verderop (militaire) fanfares en brassbands met veel blaasinstrumenten op het Jackson Square (zie afbeelding beneden).

afb.: Plattegrond French Quarter in New Orleans (Klik op de afbeelding voor een vergroting).

Brachten de slaven uit hun land van herkomst de ritmes mee, de immigranten uit Europa "importeerden" met de IMMIGRATIEGOLF VS 1820-1920 allerlei stijlen muziek, die per land natuurlijk verschilden (volksmuziek met ritmes van b.v. polka, wals, mars). Ook introduceerden ze nieuwe instrumenten (houten en koperen blaasinstrumenten, diverse snaarinstrumenten, pianola's, harmonica's enz.). In New Orleans waren er bands en orkesten in Europese stijl, er waren slavenorkesten, en er was Creoolse zang en dans van de Haïtianen. Europese volksliedjes hadden een grote invloed op de zwarte bevolking. Er ontstond een unieke verbinding met Afrikaans muzikaal idioom. Deze mengelmoes van stijlen begon elkaar te beïnvloeden, en uit uiteenlopende muzikale tradities ontstonden de vrije dans- en muziekritmes: Jass, later Jasz en nog later JAZZ. Oorspronkelijk betekende het woord jazz "een energieke dans". Maar het woord "jazz" is ook West-Afrikaans (de Madi-taal) voor seks. En het is bovendien een oud-Frans woord voor kwebbelen.

foto: The King & Carter Jazzing Orchestra uit Houston in 1921

Maar het belangrijkste element, zo niet de kern van de Jazz, is de Blues. Blues is voor Jazz als bloed voor het lichaam, en daarom ook in veel titels van jazznummers terug te vinden: Saint Louis Blues (zie beneden), Franklin Street Blues, Savoy Blues, Burgundy Street Blues. De eerste generatie, de pioniers van de Jazz in New Orleans, waren trompettist Louis Daniel Armstrong (4 augustus 1901 - 6 juli 1971), zijn mentor King Oliver en bandleider Kid Ory van Ory's Sunshine Orchestra (de eerste zwarte jazzband die een plaat maakte).


WILLIAM CHRISTOPHER HANDY

De term "Blues" doet officieel pas rond 1912 zijn entree op bladmuziek van William Christopher Handy uit Memphis, zo wordt verteld. Hij wordt dan ook niet voor niets "The (God)Father of the Blues" genoemd.

foto: William Christopher Handy (16 november 1873 – 28 maart 1958)

"St. Louis Blues" van Handy is een populair Amerikaans lied, gecomponeerd in de Bluesstijl, al klinkt het jazzy. Het behoort tot het repertoire van heel wat jazzmusici en groeide uit tot een echte jazzstandaard. Het was ook een van de eerste Bluesnummers die populair werden als popsong. Het werd uitgevoerd door veel muzikanten in allerlei stijlen, onder meer door Louis Armstrong en Bessie Smith, Glenn Miller en de Boston Pops Orchestra. Het werd gepubliceerd in september 1914 door Handy's eigen bedrijf en werd zo populair dat er een nieuwe dansstijl, de "foxtrot", voor werd gemaakt. De versie met Bessie Smith en Louis Armstrong op cornet (uit 1925) wordt nu sinds 1933 bewaard in de Grammy Hall of Fame, evenals de versie uit 1929 van Louis Armstrong & His Orchestra (met Henry "Red" Allen).

filmpje: Bessie Smith & Louis Armstrong - St. Louis Blues, 1925

In 1903 werkte Handy in Tutwiler bij Clarksdale als dirigent van de Knights of Pythias Band toen hij voor het eerst 'de Blues' hoorde. Hij was het die in 1909 zijn eerste Bluessong schreef: "Mr.Crump Blues", gebaseerd op een verkiezingsnummer voor Edward Crump, een Democratische burgemeesterskandidaat in Memphis.


W.C. Handy - "Mr. Crump Blues" (1909)

In 1912 werd de titel gewijzigd in "The Memphis Blues". Andere muzikanten uit Memphis zeggen dat het geschreven zou zijn door Handy's klarinetspeler Paul Wyer. Hoe dan ook: het bleek uiteindelijk de basis voor de specifieke Bluesstijl die in Memphis is ontstaan.


W.C. Handy - "The Memphis Blues" (1912)

Ook van Handy's hand is "Beale Street Blues". Dit nummer heeft ervoor gezorgd dat Beale Avenue rond 1917 werd omgedoopt in Beale Street. Het maakte de plek in een klap onsterfelijk, en leverde hem later een standbeeld op in het Handy Park & Pavilion in Beale Street.


W.C. Handy - "Beale Street Blues" in een uitvoering van Marion Harris (1917)

foto: Het tegenwoordige Handy Park op Beale Street in Memphis (TN)

Is de titel "(God)Father of the Blues" voor W.C. Handy terecht? Charles Joseph "Buddy" Bolden (6 september 1877 - 4 november 1931) was een African-American cornetspeler en een sleutelfiguur in de ontwikkeling van de New Orleans stijl van ragtime music. "Buddy Boldens Blues" was zijn beroemdste nummer.


Boven: Buddy Bolden - "Buddy Boldens Blues". Beneden: En zo klonk een halve eeuw later de (kortere) uitvoering van Jelly Roll Morton in 1957:


Het jaartal van het originele nummer is niet terug te vinden. Waarschijnlijk dateert het uit 1895, maar in ieder geval komt het uit de periode van voor 1907. Het is dus aannemelijk dat "Blues" eerder bestond en vooral in veel zuidelijke steden te horen was. Op Handy's officiële "claim" op de term Blues, was de reactie van Morton: "In 1908 Handy didn't know anything about the Blues and he doesn't know anything about jazz and stomps to this day. I myself figured out the peculiar form of mathematics and harmonies that was strange to all the world but me".

Foto: The Bolden Band rond 1905. Staand v.l.n.r.: Jimmy Johnson (bas), Charles Bolden (cornet), Willy Cornish (trombone), Willy Warner (klarinet). Zittend: Brock Mumford (gitaar), Frank Lewis (klarinet)

"Buddy Boldens Blues" heette trouwens eerst "Funky Butt". Een van de eerste keren dat het woord FUNK in een nummer voorkomt. Funk betekent van origine lichaamsgeur of de geur van geslachtsgemeenschap en werd in het algemeen als een onfatsoenlijk woord ervaren. In de Afro-Amerikaanse muziek gebruikte men de aanduiding "funky" om dat deel van de muziek aan te geven dat los, sexy, langzaam, riff-georiënteerd en/of dansbaar was. Funk kan dus gezien worden als een subgenre binnen Rhythm & Blues en de term wordt sinds halverwege de jaren zestig als genreaanduiding gebruikt. "Funky Butt" was geen dans, maar een beweging: een vrouw die haar rok optrok en suggestieve bewegingen maakte met haar heupen. Ene Coot Grant beschreef het duidelijk: "While she raised her skirt she would grind her rear end like an Alligator crawling up a bank". Ik kan me daar een beeld bij vormen.

In 1920 zette Mamie Smith "Crazy Blues" op plaat. Van de single werden een miljoen exemplaren verkocht, waarmee het nummer de eerste hit werd van de Bluesmuziek.

Luister hier naar:


Mamie Smith - "Crazy Blues.mp3" (1920)